De theoriefase

De opleiding is opgebouwd uit vijf belangrijke onderdelen of hoofdvakken:

  • Homeopathievakken (theorie, filosofie, Materia Medica, repertorisatie en praktijk)
  • Therapeutische vorming, persoonlijke ontwikkeling, psychologie (een steeds belangrijker onderdeel in de praktijk van een klassiek homeopaat) en ethiek
  • Medische vakken (embryologie, anatomie, fysiologie en pathologie)
  • Ondersteunde vakken
  • Praktijktraining (supervisie, ondersteunende modules voor een startende praktijk, het CAS-systeem en eindexamen)

De eerste vier onderdelen worden tijdens de eerste vierenhalf jaar aangeboden. Het vijfde en zesde jaar bestaan grotendeels uit praktijklessen en het werken met patiënten, maar er worden ook nog een paar theoretische modules gegeven die sterk met de praktijk samenhangen. Alle lessen worden gegeven in modules. Elke module behandelt een ander aspect van het vak van klassiek homeopaat.

Hieronder geven we je een overzicht van de modules met een korte beschrijving die per onderdeel in de verschillende jaren gegeven worden. Zo krijg je meer inzicht in de opbouw van onze opleiding.

Terug naar: De studie

Homeopathie vakken

Verreweg de meeste lesuren van de opleiding (512 in totaal) worden besteed aan homeopathie. Tijdens de eerste vier jaar ligt de nadruk vooral op de achterliggende filosofie, de theorie van de homeopathie en de Materia Medica (geneesmiddelenleer).

Theorie en filosofie van de homeopathie

Na een inleidende module waarin in vogelvlucht de belangrijkste homeopathiethema's aan bod komen, gaan we in een aantal modules uitgebreid in op de grondbeginselen van de homeopathie, zoals deze beschreven staan in de 'Organon' van Samuel Hahnemann, de grondlegger van de homeopathie.
We kijken naar hoe je een anamnese (het verslag van een gesprek tussen homeopaat en patiënt) afneemt. Een aparte module zet alles rond de homeopathische behandeling op een rijtje. We besteden in deze module dan ook uitgebreid aandacht aan de homeopathische analyse, de hiërarchiering van symptomen (het scheiden van hoofd- en bijzaken), het gebruik van potenties, de reacties op geneesmiddelen en het vervolgconsult. Ook is er een module waarin je leert kijken naar de bereiding van homeopathische geneesmiddelen en naar de redenen waarom, en hoe, de geneesmiddelsymptomen en -beelden tot stand komen. Tot slot is er een module waarin we aandacht besteden aan recente ontwikkelingen binnen de homeopathie.

Materia medica

Tijdens de eerste vier jaar worden er elf Materia Medicamodules gegeven waarin de 250 belangrijkste homeopathische middelen worden behandeld. Wij behandelen al meer dan tien jaar lang de geneesmiddelen in families. Dit wil zeggen dat alle geneesmiddelen die gemaakt zijn van planten uit dezelfde botanische plantenfamilie, in één module aan bod komen. Zo ga je inzien dat geneesmiddelen van één plantenfamilie belangrijke symptomen gemeenschappelijk hebben. Dit kan je later bij het behandelen van patiënten helpen om het juiste geneesmiddel te vinden. Lycopodium clavatum © 2010 Anne Müller

Zo doen we dat ook met de minerale stoffen en de middelen die van dieren gemaakt worden. We behandelen bijvoorbeeld alle slangengifmiddelen of alle zeedieren in een module. Door deze aanpak wordt je inzicht en kennis van de geneesmiddelen dieper en breder dan wanneer je de middelen apart bestudeert. Om je bij dit werk te helpen, is er een zeer uitgebreide, in kleur geïllustreerde Materia Medica in boekvorm verschenen en zijn er zeer uitgebreide syllabi geschreven door onze docenten.

Repertorisatie

Het repertorium is, net als de Materia Medica, een organisatie van symptomen afkomstig uit geneesmiddelproeven. In dit geval zijn ze niet op middel, maar op symptoom georganiseerd. Het repertorium is een boek met tienduizenden symptomen die verwijzen naar homeopatische middelen. Je kunt bijvoorbeeld zoeken op 'angst voor honden' en dan kijken welke geneesmiddelen dat symptoom hebben. Het repertorium is een handig instrument om na te gaan welk geneesmiddel passend kan zijn. Het is een zeer belangrijk standaard hulpmiddel voor de klassiek homeopaat. In drie aparte modules leer je werken met het homeopathisch repertorium. Je krijgt een heleboel oefeningen waarmee je thuis aan de slag kunt.
Het repertorium is er ook in digitale vorm; in de praktijkjaren leer je daarmee te werken. Het is echter van groot belang dat je eerst met de papieren versie leert werken om de structuur van het repertorium goed te leren kennen. Pas wanneer je deze echt goed beheerst, ga je met de elektronische versie werken. In de praktijkjaren geven we les in het repertoriseren met behulp van een computerrepertorisatieprogramma.

De modules

Theorie en filosofie

  • Inleiding in de homeopathie: dit is een eerste inleiding in de homeopathie en haar grondslagen en is bedoeld om je een overzicht te geven van de verschillende elementen van het vak en je te laten kennismaken met de denkwijze van Hahnemann.
  • Het genezend principe: dit is de eerste verdiepende module in het vak. Het gaat over wat er nu eigenlijk genezend werkt, wat er onderdrukt en ziek maakt onder welke omstandigheden en wat de gevaren en valkuilen zijn bij het werken als genezer. 
  • De geschiedenis en filosofie van de geneeskunde: deze module gaat eigenlijk niet direct over homeopathie, maar indirect weer wel. We reizen in deze module door de geschiedenis van de mensheid. We kijken naar verschillende periodes van culturele ontwikkeling (van 10.000 jaar vóór Christus tot heden), naar de ontwikkeling van verschillende visies op aarde en van het wezen van de mens en daarmee de ontwikkelingen ten aanzien van de visie op ziekte en gezondheid. Daaruit zijn geneeswijzen, geneesvisies en inzichten ontstaan. Deze veranderen door de loop van de eeuwen heen samen met cultuur, filosofie en kennis. Daarbij ontdekken we dat vooruitgang niet altijd een betere geneesvisie en geneeskunde oplevert en het leert je om in te zien hoe de homeopathie is ingebed in een lange ontwikkeling en waar de verschillen met de huidige universitaire geneeskunde vandaan komen.
  • De geneesmiddelproef: de homeopathie werkt met stoffen afkomstig van planten, dieren en mineralen, maar ook van mensen, bacteriën en virussen. Het innemen van de pure stof kan soms levensgevaarlijk zijn. Daarom worden die stoffen verdund en geschud (gepotentieerd) (zie ook jaar 3: de potenties). Vaak verandert de werking van de stof door het potentiëringsproces. Om te kunnen zien welke werking geneesmiddelen precies hebben, doen we als homeopaten geneesmiddelproeven. Bij een geneesmiddelproef neemt een groep mensen een homeopathisch geneesmiddel eigenlijk te sterk of te vaak in, waardoor ze de symptomen van het geneesmiddel gaan vertonen. Die symptomen worden nauwkeurig geregistreerd en vormen de basis van een geneesmiddelenbeeld. We leren je in deze module hoe dat proces werkt en welke voorwaarden daarbij van groot belang zijn om zo zuiver mogelijke gegevens te krijgen. Die hebben we immers nodig om te zorgen dat we het juiste geneesmiddel kunnen voorschrijven aan de patiënt. Bovendien leer je in deze module hoe je geneesmiddelproeven kunt bestuderen, interpreteren en controleren of de gegevens van de proeven correct verwerkt zijn in de Materia Medica en het repertorium.
  • De anamnese: dit is de tweede belangrijke verdiepingsmodule. Je leert hoe je tijdens het gesprek met je patiënt de juiste gegevens kunt verkrijgen op basis waarvan je een geneesmiddel kunt gaan voorschrijven. Eigenlijk is dit onderdeel de kern van ons werk als homeopaat. In deze gesprekken, die tussen de één en twee uur duren, proberen we inzicht te krijgen in alle klachten en moeilijkheden, maar ook in de voorkeuren, sterke en zwakke kanten van de mens die ons bezoekt voor hulp. Als we deze gesprekken niet goed voeren, krijgen we niet de juiste informatie en kunnen we de ander niet  goed helpen.
  • Analyse en synthese: het verwerven van gegevens en inzicht tijdens het anamnesegesprek is één, maar vervolgens moet er met die gegevens iets gedaan worden. We leren je aan de hand van een twintigtal stappen de belangrijke gegevens uit het anamnesegesprek te halen die we kunnen gebruiken voor het geneesmiddelvoorschrift. Daarbij leren we je te onderscheiden welke klachten en symptomen belangrijk zijn en welke minder.
  • De potenties: homeopathische geneesmiddelen zijn 'gepotentieerd'. Dat houdt in dat de oorspronkelijke stof verdund en geschud is. Het potentiëren is een mysterieus proces en één van de pijlers waarop de homeopathie rust. Tegelijkertijd is het ook één van de meest bekritiseerde elementen van de homeopathie. In deze module leer je hoe dat proces van het maken van de geneesmiddelen verloopt en hoe de verschillende soorten potenties tot stand komen. Daarbij besteden we aandacht aan de werking van die verschillende potenties en hun toepassing in de praktijk.
  • De behandeling: een module waarin de voorgaande modules worden geïntegreerd tot een gedegen inzicht in hoe een behandeling dient te verlopen.
  • Ziekteclassificatie (de miasma's): in deze module, die verspreid over de praktijkjaren wordt gegeven, leer je kijken hoe verschillende ziektepatronen met elkaar samenhangen en elkaar opvolgen.
  • Richtingen in de homeopathie: hier kijken we naar de verschillende scholen en visies op het vak en naar nieuwe ontwikkelingen. We leren je daar kritisch over na te denken.

Deze laatste twee modules worden in de praktijkfase gegeven omdat je dan met echte pätiënten werkt waardoor je op basis van je eigen ervaringen beter snapt waar het om gaat.

Materia Medica

  • Planten 1: de meest voorkomende acute middelen met als belangrijkste familie de composieten, waaronder Arnica (Valkruid).
  • Planten 2: alle planten die sporen maken of naaktzadig zijn, met een aantal belangrijke grote middelen waaronder Thuja (Westerse levensboom) en Lycopodium (Grote wolfsklauw). 
  • Planten 3: onder andere de ranonkels en schermbloemigen met bijvoorbeeld Aconitum (Blauwe monnikskap)en Conium (Gevlekte scheerling).
  • Planten 4: de nachtschadefamilie met onder andere Belladonna (Wolfskers).  Atropa Belladonna © 2010 Anne Müller
  • Planten 5: de kleinere middelen.
  • Mineralen 1: een introductie in de minerale geneesmiddelen, maar ook in de basale scheikundige inzichten die nodig zijn om verbindingen tussen minerale stoffen te begrijpen. In deze module komen alle halogeenverbindingen aan de orde: fosfor, zwavel, broom, jodium en dergelijke.
  • Mineralen 2: alle metalen worden behandeld, zoals Aurum (goud) en Argentum (zilver).
  • Mineralen 3: belangrijke geneesmiddelen als Natrium muriaticum (keukenzout) worden behandeld.
  • Mineralen 4: belangrijke geneesmiddelen als Calcium carbonicum (calcium) worden behandeld. 
  • Dieren 1 & 2: in deze twee modules worden de belangrijkste geneesmiddelen behandeld die gemaakt zijn van dieren of dierlijke uitscheidingen. Aan bod komen diverse slangen- en spinnengiffen, maar ook de moedermelk van diverse dieren (koe, dolfijn, leeuw, enzovoort). 
  • Nosoden: geneesmiddelen gemaakt van ziekteverwekkers, zoals tuberculose en koepokken.
  • Werkstuk plant: door zelf een werkstuk te maken over een plant, struik of boom die wordt gebruikt als geneesmiddel leer je wat de verbanden zijn tussen de manier waarop de plant zich ontwikkelt en groeit en het bijbehorende geneesmiddelbeeld. Een zeer interessant en leerzaam proces.

Repertorisatie

Repertorisatie: drie modules met praktische oefeningen met een oplopende moeilijkheidsgraad. Op die manier leer je de weg in het repertorium en het vertalen van symptomen van patiënten in repertoriumtaal. De syllabus bestaat uit een enorme hoeveelheid oefenopdrachten. Hoe meer je er doet, hoe beter je het leert... Een deel van de opdrachten is verplicht.

 

Therapeutische vorming

Een homeopaat die geen inzicht heeft in zijn of haar eigen problemen en daar onvoldoende afstand van kan nemen, is niet in staat de situatie van de patiënt goed te beoordelen. Hoewel meerdere vakken (psychologie, communicatie, Materia Medica, praktijk) tot zelfreflectie uitnodigen, besteden we in een aantal lessen specifiek aandacht aan de manier waarop jij in het leven staat en wat voor consequenties dit heeft voor de manier waarop je in de praktijk staat en met patiënten omgaat.

Jaar 1 tot en met 4 

Elk jaar wordt een module Therapeutische Ontwikkeling gegeven waarin je, binnen je vaste studiegroep, onder andere kijkt naar wie jij bent, waar jouw kwaliteiten liggen, waar je gevoeligheden en zwakke punten liggen, welke overtuigingen je over jezelf hebt en hoe je overkomt op anderen. Hoe meer zicht je krijgt op je eigen kwaliteiten en schaduwkanten, hoe meer het je lukt om werkelijk open te staan voor de ander. Bovendien voorkom je hiermee dat het over je eigen gevoeligheden gaat in het consult. Verder kun je door deze inzichten beter begrijpen door welk proces je patiënt zou kunnen gaan. 

  • In het eerste jaar ligt het accent vooral op wie jij bent. Je leert om je thuis te voelen in de groep en je zichtbaar te maken voor de ander. 
  • In het tweede jaar kijken we naar je mogelijkheden, maar ook naar je vastgeroeste overtuigingen en schaduwkanten. 
  • In het derde jaar ligt het accent op de interactie met de ander. Bovendien maak je een begin met het ontwikkelen van therapeutische vaardigheden.
  • Het vierde jaar gaat over of je echt kan zien wie je bent: waar ligt mijn kracht en waar liggen mijn valkuilen? Wat in de ander brengt mij uit evenwicht? Je doet dit aan de hand van een zelfanamnese.

Jaar 5 en 6

In de praktijkjaren werken we steeds aan de hand van wat je in de praktijk tegenkomt:

  • Wat raakt je in patiënten?
  • Wat vind je moeilijk om los te laten?
  • Welke problematiek kom je steeds weer tegen? 
Psychologie

Achtergrond

De psychologie neemt een steeds belangrijker plaats in binnen de praktijk van de klassiek homeopaat. Steeds vaker bezoeken patiënten met voornamelijk psychische problemen een homeopaat. Bovendien bestaat er natuurlijk een samenhang tussen het mentale, psychische en fysieke functioneren van de patiënt.

We besteden ruim 50 contacturen aan kennis van de voor de homeopathie relevante begrippen en stromingen binnen de ontwikkelingspsychologie, psychologie en de praktische betekenis ervan. De verbinding van het individu met zijn sociale omgeving komt aan de orde in een aparte module. Daarin kijken we naar de invloed van het gezin, de school, omgeving, de normen en waarden van de samenleving, enzovoort. We besteden onder andere aandacht aan cultuur, socialisatie, maatschappelijke ongelijkheid, groeperingen, macht en sociale veranderingen. Ook kijken we naar de evolutie van het denken over systeemtheorie, systeemtherapie en de praktische uitwerking daarvan.

De modules

  • Ontwikkelingspsychologie: we kijken naar de 'normale' en 'gezonde' ontwikkeling van de mens. Welke ontwikkelingsstadia zijn er van baby tot bejaarde en welke thema's of problemen kunnen er in de verschillende levensfasen spelen. Naast de theorie over deze fasen (met het daarbij behorende gedrag) geven we je ook een groot aantal observatieopdrachten om te zien of je het gedrag om je heen kunt herkennen. Daarnaast voer je een gesprek met een wat ouder iemand over zijn levensloop, ook weer om te kijken of je de verschillende fasen kunt herkennen. 
  • Psychiatrie: tijdens deze module wordt behandeld wat er zoal gedacht en gezegd is over de menselijke psyche en de belangrijkste verstoringen van de geestelijke gezondheid zoals we die soms in de praktijk tegenkomen. Deze module is een onderdeel van onze pathologie modules én van het door de ziektenkostenverzekeraars verplichtgestelde Medische Basis Kennis.
  • Gesprekstechnieken en communicatie: een praktische module waarin we aan de hand van oefeningen jouw vaardigheid in het individuele contact proberen te vergroten. Het voeren van gesprekken vormt een belangrijk onderdeel van het beroep van de klassiek homeopaat. Hoe je een gesprek voert, hoe je luistert, hoe je reageert en welke wetmatigheden daarbij een rol spelen leer en oefen je tijdens deze module. Hoewel dit onderwerp zeer dicht tegen de psychologie aan ligt, is het toch een apart vak waarbij veel toegepaste psychologie aan de orde komt. We besteden onder andere aandacht aan Watzlawicks wetmatigheden in communicatie, neurolinguïstisch programmeren (NLP), psychosynthese en de psychologische typen van Jung.
  • Systeemtheorie: in deze module bestuderen we deze stroming binnen de psychologie/sociologie, omdat ze ons inzicht geeft in de verbinding van het individu met zijn omgeving én welke pathologische invloeden een rol kunnen spelen. Dit relateren we vervolgens aan de inmiddels ruimschoots bestudeerde homeopathische geneesmiddelbeelden. Deze module wordt gegeven in de praktijkjaren.
Ethiek

Deze module gaat kort samengevat over de vraag of je alles wat je kunt ook mag. Aan de hand van praktijksituaties stimuleren wij je om voor jezelf een mening te vormen over de grenzen van jouw geneeskundig handelen. We vragen ons af waar het om gaat als je je als therapeut en genezer gaat bezighouden met de gezondheid en het leven van een ander mens die jou in vertrouwen allerlei privédingen vertelt.

Tijdens deze module kijken we naar de ethische kant van het geneeskundig handelen:

  • Wat doe je wel?
  • Wat doe je niet en waarom niet?
  • Waar komen de individuele verschillen vandaan?
  • Hoe ga ik om met grenssituaties?

Kortom, alles rondom het thema 'hoe is het met onze integriteit gesteld en hoe motiveren wij ons handelen' komt aan bod. 

Medische vakken

Wie zieke mensen wil genezen, heeft kennis nodig van het menselijk lichaam. Enerzijds om te begrijpen wat er zich in het lichaam afspeelt en anderzijds om veilig te kunnen werken, om levensbedreigende situaties te onderkennen, eigen grenzen in te zien en om op tijd te kunnen doorverwijzen.

Na een drietal modules Anatomie en Fysiologie besteden we daarom vooral ook aandacht aan de pathologie waaronder ook psychiatrie valt. De zes modules worden verspreid over de eerste vier jaar van de opleiding behandeld. Het totaal aantal contacturen bedraagt 268 uur. Van studenten verwachten we bovendien dat ze, buiten de studie om, een regulier EHBO-diploma behalen.

Embryologie, anatomie en fysiologie

Anatomie gaat over de bouw van het menselijk lichaam (botten, spieren, bloedbanen, enzovoort) en de ligging van organen en structuren. Fysiologie behandelt de werking van de orgaansystemen. Deze orgaansystemen werken nauw samen en zorgen ervoor dat wij als mens kunnen leven. Zij dienen ons als levend mens, zorgen dat we gezond blijven en kunnen denken, voelen en handelen. Het doel van dit vak is om inzicht te verkrijgen in het functioneren van gezonde mensen en te begrijpen hoe het komt dat bepaalde fenomenen optreden en waar deze mee samenhangen. Bijvoorbeeld een patiënt verteld:

Gisteravond had ik een afspraak met mijn vriend. Ik merkte dat ik mijn hart in mijn hals voelde kloppen, een beetje natte oksels had en vervolgens kreeg ik blosjes op mijn wangen. Vanmorgen had ik me verslapen; ik moest rennen voor de tram. En nu zit ik uit te hijgen. Maar ik realiseer me dat ik ook nu blosjes heb, mijn hart in mijn keel voel en natte oksels heb.

Toch is rennen beduidend anders dan een afspraak met je geliefde. Dezelfde lichamelijke verschijnselen hebben hier een heel andere oorsprong, maar gebruiken dezelfde lichamelijk processen. Tijdens de lessen 'Anatomie en Fysiologie' leer je begrijpen hoe deze processen werken en hoe dit komt.

Nog een voorbeeld:

Een patiënt krijgt koorts. De koorts is een gezonde reactie van het afweersysteem om bacteriën of virussen aan te pakken. Doordat je in deze lessen hebt leren begrijpen hoe het afweersysteem werkt, weet je dat dit een goede reactie is. Maar wanneer de koorts niet of niet snel genoeg verdwijnt, is dat een teken dat het lichaam het probleem niet opgelost krijgt. En dán moet er iets gedaan worden.

Het afweersysteem wordt behandeld tijdens de lessen 'Anatomie en Fysiologie'. Een langdurige koorts is echter een onderwerp voor de lessen 'Pathologie' en de homeopathievakken.

Het bijzondere van deze modules is dat wij bij alle processen in het lichaam de relatie met de embryonale ontwikkeling leggen. Hierdoor ontstaat een dieper inzicht in het gezonde, en later het pathologische, functioneren van de mens én hoe verschillende lichaamsdelen met elkaar samenhangen en elkaar beïnvloeden. De lessen worden ondersteund door een Nederlandstalig boek. Daarnaast geven we les aan de hand van presentaties met rijke illustraties. 

Pathologie

In deze lessen leren we je te onderscheiden wat er in het lichaam van de mens fout gaat en welke symptomen dat geeft. Het accent ligt daarbij op leren wat gevaarlijk of zelfs levensbedreigend is en wat niet. Wij noemen dat 'pluis of niet-pluis'. In zes uitgebreide modules behandelen we de verschillende delen van het lichaam en de belangrijkste, meest voorkomende pathologie in de praktijk van een homeopaat. Elke module wordt afgesloten met een gezamenlijke les homeopathie en pathologie, dus hoe kom je deze pathologie tegen in je homeopathiepraktijk.

Voeding

Hoewel voeding eigenlijk geen pathologie is en ook niet tot de 'anatomie en fysiologie' behoort, vinden wij dat de module voeding toch onder de medische vakken hoort te vallen. Datgene waarmee je jezelf voedt, is namelijk van groot belang om gezond te blijven. We zijn geen opleiding tot diëtist of orthomoleculair geneeskundige, daarom behandelen we slechts de hoofdlijnen die je als genezer over voeding zou moeten weten. De module Voeding neemt daarom een aparte plaats in. Er wordt aandacht besteed aan de basis van de voedingsleer en de verschillende visies daarop. Daarnaast kijken we naar de werking van narcotica, alcohol en dergelijke.

De modules

Embryologie, anatomie en fysiologie

  • Embryologie (1): in deze eerste module leer je hoe de mens zich van een bevrucht eitje ontwikkelt tot een volledig mens. Door deze ontwikkeling te bestuderen, leer je de samenhang tussen de verschillende orgaansystemen en -functies beter en dieper te begrijpen.
  • Anatomie en fysiologie (2): behandelt het skelet (hoofdlijnen en structuur), de spieren en het motorische stelsel (hoofdlijnen en structuur), het hart, de bloedsomloop, het bloed, het lymfestelsel, de nieren, milt, het afweersysteem, de longen en de ademhaling.
  • Anatomie en fysiologie (3): behandelt de spijsvertering met alle bijbehorende organen, de voedselverwerking, de huid, het centraal en perifeer zenuwstelsel (hersenen, ruggenmerg, zenuwstelsel), het endocriene stelsel (hormoonstelsel) en de voortplanting.         

Pathologie

  • Algemene pathologie: hierin worden de basale pathologische processen besproken. We behandelen de pathologie van de huid, de motoriek, de bindweefsels en de immuunreacties.
  • Pathologie (1): pathologie van het spijsverteringsstelsel, de lever, galblaas en pancreas.
  • Pathologie (2): pathologie van het hart, de bloedvaten, het bloed en de lymfe.
  • Pathologie (3): pathologie van het keel-, neus- en oorgebied en de lucht- en urinewegen.
  • Pathologie (4): pathologie van het hormoonstelsel.
  • Pathologie (5): pathologie van het vrouwelijk genitaalstelsel en de pathologie van het zenuwstelsel en de zintuigen.
  • Psychopathologie (6): de belangrijkste psychiatrische aandoeningen en verstoringen van de normale ontwikkeling op psychisch gebied worden tijdens deze module behandeld.

Voeding

  • Voeding. overzicht van gezonden én ongezonde voeding en hoe dat onze gezondheid kan beïnvloeden